%

Procenten 3F/2S-5 Groeifactoren en terugrekenen

Verdieping richting 3F en 2S: rekenen met groeifactoren, samengestelde percentages, omgekeerd rekenen en percentages boven 100%.

3F/2S: Welke groeifactor hoort bij een stijging van 12%?

Voorkant

1,12. Je vermenigvuldigt met 100% + 12% = 112% = 1,12.

Achterkant

3F/2S: Welke groeifactor hoort bij een daling van 18%?

Voorkant

0,82. Je houdt 100% - 18% = 82% over.

Achterkant

3F/2S: Een groeifactor is 1,07. Welk percentage hoort daarbij?

Voorkant

Een stijging van 7%. 1,07 betekent 107% van het oude aantal.

Achterkant

3F/2S: Een groeifactor is 0,65. Welk percentage hoort daarbij?

Voorkant

Een daling van 35%. Je houdt 65% over.

Achterkant

3F/2S: Een bedrag van 200 euro groeit met factor 1,15. Wat is het nieuwe bedrag?

Voorkant

230 euro. 200 x 1,15 = 230.

Achterkant

3F/2S: Na een stijging van 20% is de prijs 96 euro. Wat was de oude prijs?

Voorkant

80 euro. 96 euro is 120%, dus 96 : 1,20 = 80.

Achterkant

3F/2S: Na een daling van 15% is de prijs 170 euro. Wat was de oude prijs?

Voorkant

200 euro. 170 euro is 85%, dus 170 : 0,85 = 200.

Achterkant

3F/2S: 1000 euro groeit twee jaar achter elkaar met 5% per jaar. Hoeveel is dat na twee jaar?

Voorkant

1102,50 euro. 1000 x 1,05 x 1,05 = 1102,50.

Achterkant

3F/2S: Een bedrag van 100 euro daalt 10% en stijgt daarna 10%. Wat is het eindbedrag?

Voorkant

99 euro. Eerst 90 euro; daarna 10% erbij is 99 euro.

Achterkant

3F/2S: Een slagingspercentage gaat van 20% naar 25%. Hoeveel procentpunt is de stijging?

Voorkant

5 procentpunt. Je trekt de percentages van elkaar af: 25% - 20% = 5 procentpunt.

Achterkant

3F/2S: Een aandeel stijgt van 40 naar 50 euro. Met hoeveel procent stijgt het?

Voorkant

25%. De stijging is 10; 10 : 40 = 0,25.

Achterkant

3F/2S: Een hoeveelheid stijgt 30% en daalt daarna 30%. Wat blijft er over van 100?

Voorkant
  1. Eerst 130; daarna 30% van 130 eraf: 130 x 0,70 = 91.
Achterkant

3F/2S: Welke groeifactor hoort bij 125% van het oude aantal?

Voorkant

1,25. 125% betekent 1,25 keer het oude aantal.

Achterkant

3F/2S: Een prijs inclusief 9% btw is 109 euro. Wat is de prijs zonder btw?

Voorkant

100 euro. Inclusief btw is 109%, dus 109 : 1,09 = 100.

Achterkant

3F/2S: Een populatie wordt 1,5 keer zo groot. Welke procentuele stijging is dat?

Voorkant

50% stijging. 1,5 keer zo groot is 150% van het oude aantal.

Achterkant

3F/2S: Je vermenigvuldigt eerst met 1,2 en daarna met 0,9. Wat is de totale factor en het totale percentage?

Voorkant

Totale factor 1,08; totaal +8%. Want 1,2 x 0,9 = 1,08.

Achterkant