Procenten 1F-1 Betekenis en eenvoudige percentages
Startdeck bij referentieniveau 1F binnen Verhoudingen: betekenis van procenten, 100% als geheel en rekenen met eenvoudige percentages zoals 10%, 25%, 50% en 75%.
1F: Wat betekent 1%?
1% betekent 1 van de 100. Dus 1% van 300 is 3.
1F: Wat is 100% van een hoeveelheid?
100% is het hele aantal. 100% van 48 is dus 48.
1F: Wat is 50% van 36?
- 50% is de helft.
1F: Wat is 25% van 80?
- 25% is een kwart: 80 : 4 = 20.
1F: Wat is 75% van 40?
- 75% is drie kwart: 40 : 4 x 3 = 30.
1F: Wat is 10% van 90?
- Voor 10% deel je door 10.
1F: Wat is 20% van 60?
- 20% is een vijfde: 60 : 5 = 12.
1F: Wat is 5% van 200?
- Eerst 10% = 20, daarna de helft.
1F: In een klas van 24 leerlingen is 50% meisje. Hoeveel meisjes zijn dat?
12 meisjes. 50% is de helft van 24.
1F: Een jas kost 80 euro. Je krijgt 25% korting. Hoeveel euro korting is dat?
20 euro korting. 25% is een kwart: 80 : 4 = 20.
1F: 1 op de 5 leerlingen fietst. Welk percentage is dat?
20%. 1 op de 5 is 1/5; dat is 20 van de 100.
1F: 3 van de 4 stukken pizza zijn op. Welk percentage is op?
75%. 3 van de 4 is drie kwart.
1F: Wat is 1% van 700?
- Voor 1% deel je door 100.
1F: Wat is 10% van 46?
4,6. Voor 10% deel je door 10.
1F: Wat is 100% als 25% gelijk is aan 6?
- Als 25% een kwart is, dan is 100% vier keer zoveel: 6 x 4 = 24.
1F: Welke breuk hoort bij 50%?
1/2. 50 van de 100 is de helft.