Je leert en onthoudt de belangrijkste woorden bij het onderwerp 'naar het hotel'.
Een [hotel]{.text-blue} is een bedrijf waar gasten tegen betaling kunnen overnachten en vaak extra diensten krijgen. *** Tijdens onze stedentrip slapen we twee nachten in een [hotel]{.text-blue}.
Een [receptie]{.text-blue} is de balie bij de ingang van een hotel waar gasten worden ontvangen en geholpen. *** Bij de [receptie]{.text-blue} vragen we om de sleutelkaart.
Een [receptionist]{.text-blue} is een medewerker die gasten ontvangt, informatie geeft en administratieve zaken regelt. *** De [receptionist]{.text-blue} legt uit waar onze kamer is.
Een [hotelgast]{.text-blue} is iemand die in een hotel verblijft. *** Iedere [hotelgast]{.text-blue} kan gebruikmaken van de ontbijtzaal.
Een [reserveringsbevestiging]{.text-blue} is een bericht waarin staat dat een boeking is vastgelegd. *** Bij aankomst laat ik de [reserveringsbevestiging]{.text-blue} op mijn telefoon zien.
Een [overnachting]{.text-blue} is een verblijf waarbij je ergens รฉรฉn nacht slaapt. *** Bij de boeking is รฉรฉn [overnachting]{.text-blue} met ontbijt inbegrepen.
Een [hotelkamer]{.text-blue} is een kamer die gasten voor hun verblijf in een hotel huren. *** Onze [hotelkamer]{.text-blue} kijkt uit over het plein.
Een [eenpersoonskamer]{.text-blue} is een hotelkamer die is ingericht voor รฉรฉn gast. *** Voor de zakenreis boek ik een [eenpersoonskamer]{.text-blue}.
Een [tweepersoonskamer]{.text-blue} is een hotelkamer die is ingericht voor twee gasten. *** Mijn ouders reserveren een [tweepersoonskamer]{.text-blue} met balkon.
Een [suite]{.text-blue} is een ruime hotelaccommodatie die meestal uit meerdere gedeelten of kamers bestaat. *** De [suite]{.text-blue} heeft een aparte woonkamer en slaapkamer.
Een [sleutelkaart]{.text-blue} is een elektronische kaart waarmee je een hotelkamer kunt openen. *** Ik houd de [sleutelkaart]{.text-blue} tegen het slot van de deur.
Een [lobby]{.text-blue} is een centrale ontvangstruimte bij de ingang van een hotel. *** We wachten met onze koffers in de [lobby]{.text-blue}.
[Bagageservice]{.text-blue} is een hoteldienst waarbij medewerkers bagage bewaren of naar de kamer brengen. *** Voor vertrek laten we onze koffers bij de [bagageservice]{.text-blue} achter.
Een [ontbijtbuffet]{.text-blue} is een opstelling met verschillende ontbijtproducten waaruit gasten zelf kunnen kiezen. *** Bij het [ontbijtbuffet]{.text-blue} neem ik brood, fruit en yoghurt.
[Roomservice]{.text-blue} is een hoteldienst die eten of drinken naar de kamer brengt. *** We bestellen via de [roomservice]{.text-blue} twee broodjes.
De [huishoudelijke dienst]{.text-blue} bestaat uit hotelmedewerkers die kamers schoonmaken en netjes houden. *** De [huishoudelijke dienst]{.text-blue} verschoont het beddengoed.
Een [minibar]{.text-blue} is een kleine koelkast op een hotelkamer met drankjes en soms snacks. *** In de [minibar]{.text-blue} staan flesjes water en frisdrank.
Een [hotelkluis]{.text-blue} is een beveiligd kastje waarin gasten waardevolle spullen kunnen bewaren. *** Ik leg mijn paspoort in de [hotelkluis]{.text-blue}.
[Faciliteiten]{.text-blue} zijn voorzieningen en diensten waarvan bezoekers gebruik kunnen maken. *** Een zwembad en fitnessruimte zijn [faciliteiten]{.text-blue} van dit hotel.
De [uitchecktijd]{.text-blue} is het uiterste tijdstip waarop een hotelgast de kamer moet verlaten. *** De [uitchecktijd]{.text-blue} van ons hotel is elf uur.
Een hotel is een bedrijf waar gasten tegen betaling kunnen overnachten en vaak extra diensten krijgen.
Tijdens onze stedentrip slapen we twee nachten in een hotel.
Een receptie is de balie bij de ingang van een hotel waar gasten worden ontvangen en geholpen.
Bij de receptie vragen we om de sleutelkaart.
Een receptionist is een medewerker die gasten ontvangt, informatie geeft en administratieve zaken regelt.
De receptionist legt uit waar onze kamer is.
Een hotelgast is iemand die in een hotel verblijft.
Iedere hotelgast kan gebruikmaken van de ontbijtzaal.
Een reserveringsbevestiging is een bericht waarin staat dat een boeking is vastgelegd.
Bij aankomst laat ik de reserveringsbevestiging op mijn telefoon zien.
Een overnachting is een verblijf waarbij je ergens รฉรฉn nacht slaapt.
Bij de boeking is รฉรฉn overnachting met ontbijt inbegrepen.
Een hotelkamer is een kamer die gasten voor hun verblijf in een hotel huren.
Onze hotelkamer kijkt uit over het plein.
Een eenpersoonskamer is een hotelkamer die is ingericht voor รฉรฉn gast.
Voor de zakenreis boek ik een eenpersoonskamer.
Een tweepersoonskamer is een hotelkamer die is ingericht voor twee gasten.
Mijn ouders reserveren een tweepersoonskamer met balkon.
Een suite is een ruime hotelaccommodatie die meestal uit meerdere gedeelten of kamers bestaat.
De suite heeft een aparte woonkamer en slaapkamer.
Een sleutelkaart is een elektronische kaart waarmee je een hotelkamer kunt openen.
Ik houd de sleutelkaart tegen het slot van de deur.
Een lobby is een centrale ontvangstruimte bij de ingang van een hotel.
We wachten met onze koffers in de lobby.
Bagageservice is een hoteldienst waarbij medewerkers bagage bewaren of naar de kamer brengen.
Voor vertrek laten we onze koffers bij de bagageservice achter.
Een ontbijtbuffet is een opstelling met verschillende ontbijtproducten waaruit gasten zelf kunnen kiezen.
Bij het ontbijtbuffet neem ik brood, fruit en yoghurt.
Roomservice is een hoteldienst die eten of drinken naar de kamer brengt.
We bestellen via de roomservice twee broodjes.
De huishoudelijke dienst bestaat uit hotelmedewerkers die kamers schoonmaken en netjes houden.
De huishoudelijke dienst verschoont het beddengoed.
Een minibar is een kleine koelkast op een hotelkamer met drankjes en soms snacks.
In de minibar staan flesjes water en frisdrank.
Een hotelkluis is een beveiligd kastje waarin gasten waardevolle spullen kunnen bewaren.
Ik leg mijn paspoort in de hotelkluis.
Faciliteiten zijn voorzieningen en diensten waarvan bezoekers gebruik kunnen maken.
Een zwembad en fitnessruimte zijn faciliteiten van dit hotel.
De uitchecktijd is het uiterste tijdstip waarop een hotelgast de kamer moet verlaten.
De uitchecktijd van ons hotel is elf uur.