Je leert en onthoudt de belangrijkste woorden bij het onderwerp 'naar de bioscoop'.
Een [bioscoop]{.text-blue} is een plek waar films op een groot scherm voor publiek worden vertoond. *** Vanavond kijken we een nieuwe film in de [bioscoop]{.text-blue}.
Een [bioscoopzaal]{.text-blue} is een ruimte met een groot filmscherm en stoelen voor bezoekers. *** Onze [bioscoopzaal]{.text-blue} bevindt zich op de tweede verdieping.
Een [film]{.text-blue} is een verhaal of voorstelling die bestaat uit bewegende beelden en geluid. *** De [film]{.text-blue} duurt bijna twee uur.
Een [filmgenre]{.text-blue} is een soort film, zoals een komedie, actiefilm of documentaire. *** Mijn favoriete [filmgenre]{.text-blue} is animatie.
Een [voorstelling]{.text-blue} is een vertoning van een film op een bepaalde tijd. *** Voor de [voorstelling]{.text-blue} van acht uur zijn nog plaatsen vrij.
De [aanvangstijd]{.text-blue} is het tijdstip waarop een film of voorstelling begint. *** Op het kaartje staat een [aanvangstijd]{.text-blue} van half acht.
Een [filmkaartje]{.text-blue} is een bewijs waarmee je toegang krijgt tot een filmvoorstelling. *** Bij de ingang laat ik mijn digitale [filmkaartje]{.text-blue} scannen.
Een [reservering]{.text-blue} is een vooraf vastgelegde plaats of boeking. *** Dankzij onze [reservering]{.text-blue} zijn de beste stoelen voor ons beschikbaar.
Een [zaalnummer]{.text-blue} geeft aan in welke bioscoopzaal een film wordt vertoond. *** Op het kaartje staat [zaalnummer]{.text-blue} vier.
Een [stoelnummer]{.text-blue} geeft aan op welke stoel een bezoeker moet zitten. *** Mijn [stoelnummer]{.text-blue} is twaalf.
Een [zitrij]{.text-blue} is een reeks stoelen die naast elkaar in de bioscoopzaal staat. *** Wij zitten op de achterste [zitrij]{.text-blue}.
Een [filmscherm]{.text-blue} is het grote witte vlak waarop de filmbeelden worden geprojecteerd. *** De reclame verschijnt op het [filmscherm]{.text-blue}.
Een [projector]{.text-blue} is een apparaat dat beelden op een groot scherm weergeeft. *** De [projector]{.text-blue} bevindt zich achter in de bioscoopzaal.
Een [trailer]{.text-blue} is een korte voorvertoning die reclame maakt voor een film. *** De [trailer]{.text-blue} laat de spannendste scènes van de nieuwe film zien.
Een [reclameblok]{.text-blue} is een reeks advertenties die voor de hoofdfilm wordt vertoond. *** Na het [reclameblok]{.text-blue} begint de film.
[Ondertiteling]{.text-blue} is geschreven tekst onder in beeld die gesproken woorden weergeeft of vertaalt. *** Dankzij de Nederlandse [ondertiteling]{.text-blue} kan ik de film goed volgen.
[Nasynchronisatie]{.text-blue} is het vervangen van de oorspronkelijke stemmen in een film door stemmen in een andere taal. *** Bij deze kinderfilm is Nederlandse [nasynchronisatie]{.text-blue} gebruikt.
[Popcorn]{.text-blue} is gepofte maïs die vaak als snack in de bioscoop wordt gegeten. *** Voor de film delen we een grote bak [popcorn]{.text-blue}.
Een [première]{.text-blue} is de eerste officiële vertoning van een nieuwe film. *** Bij de [première]{.text-blue} zijn ook de acteurs aanwezig.
Een [leeftijdsadvies]{.text-blue} geeft aan voor welke leeftijd een film geschikt wordt geacht. *** We controleren het [leeftijdsadvies]{.text-blue} voordat we kaartjes kopen.
Een bioscoop is een plek waar films op een groot scherm voor publiek worden vertoond.
Vanavond kijken we een nieuwe film in de bioscoop.
Een bioscoopzaal is een ruimte met een groot filmscherm en stoelen voor bezoekers.
Onze bioscoopzaal bevindt zich op de tweede verdieping.
Een film is een verhaal of voorstelling die bestaat uit bewegende beelden en geluid.
De film duurt bijna twee uur.
Een filmgenre is een soort film, zoals een komedie, actiefilm of documentaire.
Mijn favoriete filmgenre is animatie.
Een voorstelling is een vertoning van een film op een bepaalde tijd.
Voor de voorstelling van acht uur zijn nog plaatsen vrij.
De aanvangstijd is het tijdstip waarop een film of voorstelling begint.
Op het kaartje staat een aanvangstijd van half acht.
Een filmkaartje is een bewijs waarmee je toegang krijgt tot een filmvoorstelling.
Bij de ingang laat ik mijn digitale filmkaartje scannen.
Een reservering is een vooraf vastgelegde plaats of boeking.
Dankzij onze reservering zijn de beste stoelen voor ons beschikbaar.
Een zaalnummer geeft aan in welke bioscoopzaal een film wordt vertoond.
Op het kaartje staat zaalnummer vier.
Een stoelnummer geeft aan op welke stoel een bezoeker moet zitten.
Mijn stoelnummer is twaalf.
Een zitrij is een reeks stoelen die naast elkaar in de bioscoopzaal staat.
Wij zitten op de achterste zitrij.
Een filmscherm is het grote witte vlak waarop de filmbeelden worden geprojecteerd.
De reclame verschijnt op het filmscherm.
Een projector is een apparaat dat beelden op een groot scherm weergeeft.
De projector bevindt zich achter in de bioscoopzaal.
Een trailer is een korte voorvertoning die reclame maakt voor een film.
De trailer laat de spannendste scènes van de nieuwe film zien.
Een reclameblok is een reeks advertenties die voor de hoofdfilm wordt vertoond.
Na het reclameblok begint de film.
Ondertiteling is geschreven tekst onder in beeld die gesproken woorden weergeeft of vertaalt.
Dankzij de Nederlandse ondertiteling kan ik de film goed volgen.
Nasynchronisatie is het vervangen van de oorspronkelijke stemmen in een film door stemmen in een andere taal.
Bij deze kinderfilm is Nederlandse nasynchronisatie gebruikt.
Popcorn is gepofte maïs die vaak als snack in de bioscoop wordt gegeten.
Voor de film delen we een grote bak popcorn.
Een première is de eerste officiële vertoning van een nieuwe film.
Bij de première zijn ook de acteurs aanwezig.
Een leeftijdsadvies geeft aan voor welke leeftijd een film geschikt wordt geacht.
We controleren het leeftijdsadvies voordat we kaartjes kopen.