Kennislesje waarin je alles leert over de periode van de jagers en verzamelaars. Sluit aan bij de Nederlandse methoden voor geschiedenis en wereldoriΓ«ntatie. Ideaal voor compact leren en memoriseren op school en thuis.
Vanaf de prehistorie, ongeveer 250.000 jaar geleden.
Ze trokken rond en haalden hun voedsel uit de natuur.
Vlees van dieren, vis, vruchten, noten, knollen en bessen.
Speren, pijl en boog en stenen messen.
Dat mensen steeds rondtrekken en geen vaste woonplaats hebben.
In hutten van takken, huiden of in grotten.
Met vuurstenen of door vonken te slaan met ijzererts.
Voor warmte, licht, koken en bescherming.
Van steen, hout en bot.
De steentijd.
Ja, mannen jaagden vaak en vrouwen verzamelden voedsel en zorgden voor het kamp.
Meestal kleine groepen van 20 tot 40 mensen.
Ze trokken verder naar een andere plek.
Door mee te kijken en mee te doen met volwassenen.
Rotstekeningen en beeldjes van dieren en mensen.
In grotten in Frankrijk en Spanje, zoals Lascaux en Altamira.
Waarschijnlijk om verhalen te vertellen of om succes bij de jacht te vragen.
De prehistorie.
Rond 5300 v.Chr., toen de eerste boeren kwamen.
Dat mensen zich konden aanpassen aan de natuur en in kleine groepen overleefden.