Telefoon, zicht, gladheid, aquaplaning, mist en defensief rijden.
Nee, ook niet voor navigatie of bij rood licht als je nog aan het verkeer deelneemt.
Ja, maar het kan nog steeds afleiden; houd aandacht bij het verkeer.
Voor vertrek of nadat je veilig geparkeerd staat.
Vooruitkijken, ruimte houden, risicoβs voorspellen en fouten van anderen opvangen.
Snelheid verlagen, afstand vergroten en passende verlichting gebruiken.
Bij zicht door mist of sneeuw van minder dan 50 meter; niet bij alleen zware regen.
Bij ernstig belemmerd zicht door mist, sneeuw of regen.
Gas loslaten, stuur rustig houden en niet abrupt remmen of sturen.
Langzamer, grotere afstand, rustig sturen/remmen/optrekken.
Vuil en olie kunnen het wegdek extra glad maken.
Snelheid aanpassen, ruit schoon, zonneklep gebruiken en extra afstand houden.
Kijk naar de rechter wegkant en voorkom verblinding; gebruik correct dimlicht.
Bij nacht en overdag wanneer zicht ernstig wordt belemmerd.
Nee. Niet bij tegemoetkomend verkeer of als je een voorligger hinderlijk verlicht.