Leer in 12 kaarten welke nieuwe accenten sinds augustus 2026 gelden: rijk en samenhangend taalonderwijs, literatuur en taalbewustzijn, plus kritisch denken, redeneren en wiskunde in de wereld.
Van versnipperde taalvaardigheden naar rijk, betekenisvol en samenhangend taalonderwijs waarin lezen, schrijven, spreken, luisteren en leren elkaar versterken.
Leerlingen werken vaker met inhoudelijk uitdagende teksten van goede taalkwaliteit, zodat taalontwikkeling en kennis van de wereld samen groeien.
Jeugd- en youngadultliteratuur krijgt naast leesplezier ook een inhoudelijke en vormende rol: verhalen helpen leerlingen zichzelf, anderen en de wereld begrijpen.
Leerlingen verkennen taalvariatie en taalverandering. Scholen worden gestimuleerd het volledige talige repertoire, zoals thuistalen en streektalen, als leerbron te benutten.
Leerlingen lezen echte teksten, voeren doelgerichte gesprekken, schrijven voor een publiek, beoordelen bronnen en reflecteren op taal en literatuur.
Nee. Taalontwikkeling wordt nadrukkelijk verbonden met andere leergebieden, waar leerlingen vakkennis opbouwen én taal gebruiken.
Nee. Veel blijft herkenbaar. Nieuw of sterker benadrukt zijn kritisch denken, wiskundig redeneren en toepassing in dagelijkse en nieuwe situaties.
Leerlingen leren niet alleen grafieken lezen, maar ook beoordelen welke informatie is geselecteerd en hoe vormgeving een boodschap kan sturen.
Redeneren helpt leerlingen verbanden leggen, keuzes uitleggen en concepten werkelijk begrijpen; het versterkt daarmee ook het rekenen zelf.
Ze leren bewust kiezen tussen schatten, hoofdrekenen, schriftelijk rekenen en een rekenmachine, en controleren of een uitkomst aannemelijk is.
De neiging en vaardigheid om wiskunde in het dagelijks leven te herkennen, passend toe te passen en uitkomsten kritisch te beoordelen.
Wiskundetaal, data, algoritmes, meten en kwantitatieve informatie worden ook gebruikt bij natuur, digitale geletterdheid, kunst en burgerschap.