Weten waarom je leest en kiezen hoe je leest.
De reden waarom je een tekst leest.
Je kunt lezen om te leren, zoeken, maken of genieten.
Snel zoeken naar één woord of antwoord.
Langzaam lezen om alles goed te begrijpen.
VΓ³Γ³r, tijdens en na het lezen.
Dan weet je waarop je moet letten.
Een ander doel vraagt een andere manier van lezen.
Je weet wat je met de tekst moet doen.
Om te kijken of je nog goed bezig bent.
Om te zien of je doel is gelukt.
Zeg: βIk lees om β¦β en maak de zin af.
Kijk snel over de tekst en let op namen.
Lees rustig en vertel elk stukje na.
βVind of begrijp ik wat ik nodig heb?β
Vertel zonder te kijken wat je wilde weten.