Set met flashcards gericht op het automatiseren van het rekenen met breuken (basis: deel van geheel, vergelijken, gelijkwaardig). Voorbeeldsommen: Vereenvoudig: 2/4 = … , Zet op volgorde (klein→groot): 1/2, 1/4, 3/4.
1/2
3/4
2
6
1/3
3/5
2/3 (want 2/3 = 4/6)
1/4, 1/2, 3/4
9
7
15
10
36
25
70
1
5/8
3/4 (9/12 = 3/4)
Ja, want teller en noemer zijn beide door 4 gedeeld.
1/2