Reis terug naar de prehistorie: eerst leefden mensen als jagers-verzamelaars, later als boeren. Ontdek hoe wonen, eten en werken veranderde—en waarom dat zo’n grote stap was.
Wat is de prehistorie?
De tijd vóórdat mensen konden schrijven.
Hoe weten we iets over die tijd zonder teksten?
Door vondsten zoals botten, gereedschap en graven.
Wie waren de jagers-verzamelaars?
Mensen die leefden van jagen, vissen en het verzamelen van planten.
Wat aten jagers-verzamelaars?
Vlees, vis, bessen, noten en wortels. Allemaal dingen die ze konden vinden.
Waar woonden jagers-verzamelaars?
Ze trokken rond en verbleven in tijdelijke kampen of hutten.
Welke gereedschappen gebruikten zij?
Werktuigen van steen, bot en hout, zoals speren en messen.
Waarom trokken jagers-verzamelaars rond?
Omdat voedsel opraakte en ze nieuwe plekken zochten.
Wat veranderde er toen mensen boer werden?
Ze gingen zelf voedsel verbouwen en dieren houden.
Hoe heet deze grote verandering?
De landbouwrevolutie (of neolithische revolutie).
Waarom bleven boeren op één plek wonen?
Ze moesten zorgen voor akkers and dieren.
Wat aten boeren vooral?
Graan, groente, melk en vlees van hun eigen dieren.
Hoe zag het leven van boeren eruit?
Ze bouwden dorpen, werkten op het land en maakten potten.
Wat veranderde er in huizen en spullen?
Stevigere huizen, aardewerk en betere werktuigen.
Wat waren voordelen van boer zijn?
Meer voedselzekerheid voor grotere groepen mensen.
Wat was een nadeel van het boerenleven?
Zwaarder werk en meer ziektes door het dicht bij elkaar wonen.