Set met flashcards gericht op het automatiseren van het aftrekken binnen 20 zonder over 10 te gaan. Voorbeeldsommen: 19−3, 14−2.
17−6 = ...
11
19−8 = ...
18−5 = ...
13
16−2 = ...
14
19−5 = ...
16−4 = ...
12
15−2 = ...
17−4 = ...
16−5 = ...
18−7 = ...
18−4 = ...
17−2 = ...
15
13−1 = ...
19−7 = ...
18−6 = ...
16−3 = ...
17−5 = ...
15−4 = ...
14−2 = ...
19−3 = ...
16