Oefen aanvullen, verschil bepalen, optellen, aftrekken en eenvoudige verhaalsommen.
348 + 127 = ?
475
586 + 219 = ?
805
407 + 195 = ?
602
275 + 468 = ?
743
725 - 248 = ?
477
900 - 356 = ?
544
1000 - 468 = ?
532
804 - 379 = ?
425
Vul aan: 470 + __ = 700.
230
Vul aan: 615 + __ = 1000.
385
Wat is het verschil tussen 830 en 615?
215
Wat is het verschil tussen 1000 en 458?
542
Mila heeft 235 stickers en krijgt er 120 bij. Hoeveel heeft ze nu?
355
Er liggen 540 knikkers in een bak. Er worden er 125 uitgehaald. Hoeveel blijven er over?
415
Er zitten 286 mensen in een bus. Bij de volgende halte stappen er 97 in. Hoeveel zijn het er dan?
383
Een winkel verkoopt 650 appels en heeft er daarna nog 148 over. Hoeveel appels waren er eerst?
798
498 + 206 = ?
704
672 - 195 = ?
477
455 + 345 = ?
800
703 - 284 = ?
419
12,35 euro + 4,20 euro = ?
16,55 euro
20,00 euro - 7,45 euro = ?
12,55 euro
Hoeveel moet erbij om van 289 naar 400 te gaan?
111
999 - 486 = ?
513