Lichtsignalen en de rangorde van aanwijzingen, tekens en regels.
Stoppen.
Stoppen, tenzij je het licht zo dicht genaderd bent dat stoppen redelijkerwijs niet meer veilig kan.
Doorgaan als het kruispunt vrij is; groen geeft geen recht om te blokkeren.
Doorgaan in de richting van de pijl, als dat veilig kan.
De rijstrook is gesloten; gebruik hem niet.
De rijstrook mag worden gebruikt.
Gevaarlijk punt; extra voorzichtigheid. Andere tekens en regels blijven gelden.
De aanwijzing van de verkeersregelaar.
Het verkeerslicht.
Aanwijzingen β verkeerslichten β verkeerstekens/borden β verkeersregels.
Stoppen.
Ja; volg de tijdelijke regeling.
Waarschuwing; wees voorbereid te stoppen en volg afsluitbomen/lichten.
Alleen als dat veilig kan; laat het voorrangsvoertuig voorgaan.