Je leert 12 belangrijke begrippen die helpen om vloeiend, vlot en netjes hardop te lezen. Voor kinderen van 7 en 8 jaar.
Vloeiend lezen betekent dat je woorden rustig achter elkaar leest. Het klinkt bijna alsof je praat.
Vlot lezen betekent dat je niet steeds hoeft te stoppen. Je herkent veel woorden snel en leest lekker door.
Nauwkeurig lezen betekent dat je goed kijkt wat er staat. Je slaat geen woorden over en verandert geen woorden.
Leestempo is hoe snel je leest. Een goed tempo is niet te snel en niet te langzaam.
Leestekens zijn tekens zoals een punt, komma, vraagteken en uitroepteken. Ze helpen je om de zin goed te lezen.
Een pauze is een klein stopje tijdens het lezen. Bij een punt stop je wat langer dan bij een komma.
Intonatie is de toon van je stem. Je stem klinkt bijvoorbeeld vragend, blij, boos of spannend.
Hardop lezen betekent dat anderen je kunnen horen. Je oefent dan goed met tempo, pauzes en toon.
Herhaald lezen betekent dat je dezelfde tekst vaker leest. Daardoor gaat het lezen steeds makkelijker en mooier.
Oefenen met woorden betekent dat je lastige woorden vaker leest. Zo herken je ze sneller in een tekst.
Meelezen betekent dat je met je ogen volgt terwijl iemand leest. Zo hoor je hoe vloeiend lezen klinkt.
Expressie betekent dat je met je stem laat horen wat er gebeurt. Je leest bijvoorbeeld blij, boos, spannend of verdrietig.