Herkennen wat voor tekst je leest.
Een groep teksten die hetzelfde willen doen.
Een herkenbare soort tekst, zoals sprookje of recept.
Verhalend, informatief, instructief en betogend.
Een tekst met een verzonnen verhaal.
Een tekst over de echte wereld.
Dan weet je wat je kunt verwachten.
Je moet de stappen goed uitvoeren.
Je volgt personen en gebeurtenissen.
Om echte informatie te krijgen.
Een schrijver kan informeren of een verhaal maken.
Je ziet personen, een plaats en gebeurtenissen.
Je ziet feiten, uitleg, kopjes en plaatjes.
Je ziet spullen, stappen en een vaste volgorde.
Iemand zegt wat hij vindt en waarom.
Kies hoe je deze tekst het beste leest.